Sinds 23 juni 2025 staat de Italiaan Antonio Filosa aan het hoofd van Stellantis, de autogroep met maar liefst 14 merken, waarvan een 10-tal in Europa. Met een aantal diepgewortelde Franse merken in het portfolio van Stellantis, kon de CEO uiteraard niet ontbreken op het autosalon van Parijs. Autonieuws kon hem in de marge van die Mondial de Paris, een paar vragen stellen.
De 53-jarige CEO volgde de notoire Carlos Tavares op, die eind 2024 moest vertrekken na tegenvallende resultaten en toenemende spanningen binnen de groep. Filosa erfde een bijzonder moeilijke opdracht: de rendabiliteit herstellen, het vertrouwen van klanten en dealers terugwinnen en de groep opnieuw concurrentieel maken tegenover de snel oprukkende Chinese constructeurs.
Filosa is geen buitenstaander, maar een echte man van het huis. Hij begon zijn carrière in 1999 bij Fiat en groeide via verschillende operationele functies door tot de absolute top. In 2023 bijvoorbeeld werd hij wereldwijd CEO van Jeep, waarna hij de verantwoordelijkheid kreeg over de Noord- en Zuid-Amerikaanse activiteiten van Stellantis. Zijn benoeming tot groeps-CEO was dan ook een bewuste keuze voor iemand die het bedrijf van binnenuit kent.

Een andere aanpak dan Tavares
Filosa staat voor een andere managementstijl dan zijn voorganger. Waar Tavares bekendstond om zijn strenge kostenbeleid en centralistische aanpak, legt Filosa meer nadruk op de mensen binnen de organisatie, de relaties met dealers en leveranciers en de autonomie van regionale teams. Hij heeft een uitgesproken operationele achtergrond en profileert zich als een manager die dicht bij de fabrieken en de producten wil staan.
Zijn belangrijkste werf is het strategische plan FaSTLAne 2030 dat in mei 2026 werd voorgesteld. Stellantis wil de komende vijf jaar 60 miljard euro investeren, met een duidelijkere focus op de merken Jeep, Ram, Peugeot, Fiat en de bedrijfsvoertuigen van Pro One. Tegelijk wil Filosa de ontwikkelingstijd van nieuwe modellen terugbrengen tot 24 maanden, de productiekosten verlagen en opnieuw meer aandacht besteden aan kwaliteit en betaalbaarheid. Ook technologisch wordt de koers bijgestuurd: niet uitsluitend elektrisch, maar een combinatie van verbrandingsmotoren, hybrides, plug-inhybrides en volledig elektrische auto’s.
Niet te veel merken?
We vroegen hem allereerst of er niet te veel merken zijn binnen de Europese tak van Stellantis, want Peugeot, Citroën, DS, Opel, Jeep, Leapmotor, Lancia, Alfa Romeo, Fiat als Maserati delen weliswaar in de mate van het mogelijke platformen en techniek, maar ze hebben allemaal marketinggeld nodig om hun merkbekendheid en commerciële ambities te ondersteunen. Filosa was meteen duidelijk: “Neen, we hebben niet te veel merken in Europa, het is helemaal goed zoals het nu is. Onze merken zijn namelijk complementair zowel op het vlak van portfolio, als qua imago en vooral doelgroep. Neem nu de Duitse en UK-markten. We kunnen daar mooie resultaten boeken dankzij Opel/Vauxhall, en die klanten zouden we nooit kunnen bereiken met onze andere merken. Hetzelfde voor de eerder zuiderse landen waar we met onze Italiaanse en Franse merken goed scoren. We gaan dan ook geen brand image uitbouwen met Fiat in Italië, want het merk staat er al sterk en spreekt een uniek publiek aan. Dankzij ons portfolio kunnen we breed werken, en dat wil ik zo houden.”

Wil hij dan ook blijven inzetten op alle types van aandrijvingen, wilden we graag weten.
“Ja en neen”, antwoord Filosa. “Diesel is voor personenwagens een moeilijk verhaal aan het worden en we gaan onze investeringen daarin temperen. Voor onze bedrijfswagens is dat wel een ander verhaal want de TCO van een elektrische bestelwagen ligt ondanks de hoge dieselprijzen nog altijd hoger dan die van een bestelwagen met dieselmotor. Bij de personenwagens blijven we inzetten op elektrificatie met volledig elektrische auto’s, maar ook plug-inhybrides en versies met range extender.”
Wat met het kwaliteitsimago?
Antonio Filosa neemt ook een zware erfenis over op het vlak van kwaliteit, want niet alle Stellantis-producten staan gekend om hun grote betrouwbaarheid. Hij gaat dat onderwerp absoluut niet uit de weg en hij heeft trouwens van bij zijn aantreden een actieplan uitgerold: “We hebben een serieus quality commitment naar onze klanten toe. We hebben meer dan 2.000 kwaliteitsingenieurs aangesteld en er zijn betere garantievoorwaarden geïmplementeerd die moeten helpen om het vertrouwen terug te winnen. Binnen alle geledingen van het bedrijf druk ik elke medewerker ook elke dag op het hart dat de kwaliteit van de producten die we afleveren, de absolute prioriteit moet zijn. En aan de feiten merk ik dat we daarin op korte tijd al grote stappen hebben gezet, wat niet wil zeggen dat we die ambitie snel kunnen los laten.”

Veel concepts, weinig echte nieuwe auto’s
Nu, wie Autonieuws.be een beetje volgt heeft gemerkt dat we jullie een nooit geziene stroom van concept cars hebben voorgeschoteld vanop het autosalon van Parijs, en Stellantis was alvast verantwoordelijk voor het grootste lot. Knap, maar het is natuurlijk met echte productiemodellen dat je verkoopsobjectieven realiseert. Van de geweldige 2CV weten we wel dat hij in productie gaat, maar bij alle andere concepts blijft Stellantis voorlopig op de vlakte.
Filosa licht wel een groter tipje van de sluier: “De aankondiging dat we de 2CV effectief in productie gaan nemen tegen eind volgend jaar, is erg belangrijk voor ons. Zijn platform zal ons toelaten om trouwens nog andere producten te lanceren bij andere merken binnen de groep, die rond die klantprijs van 15.000 euro gaan schommelen. Daar ben ik alvast erg enthousiast over. En ik kan je trouwens verklappen dat de productieversie van de 2CV er eigenlijk nog beter uitziet dan de concept. Wat alle andere concept cars betreft hier op de show kan ik je wel bevestigen dat we een pak elementen gaan terugzien op productiemodellen. Ik denk dan aan de Steer-By-Whire bij Peugeot, maar ook aan designelementen die zeker nog terugkomen op nieuwe modellen. En ja, soms gaan we voor pure verleiding en design, zoals bij de Alfa Romeo Cuorerosso.”
En welke concept wij nog graag in productie willen zien gaan, wilde hij nog graag weten. We moesten niet lang nadenken; doe ons maar de Peugeot E-T16 Concept.




