Toyota blijft volop investeren in hybride aandrijvingen. De Japanse constructeur ontwikkelt een nieuwe generatie hybridemotoren die meer dan 15 procent minder brandstof moeten verbruiken. Centraal staat een compleet nieuwe 1,5-liter viercilinder benzinemotor, die niet alleen zuiniger maar ook compacter wordt. De technologie moet toekomstige Toyota-modellen efficiënter maken en tegelijk meer ontwerpvrijheid bieden.
Sinds de introductie van de eerste Prius in 1997 heeft Toyota zijn hybride technologie voortdurend verfijnd. Vandaag zijn hybrides niet meer weg te denken uit het Toyota-gamma. De constructeur ziet nog heel wat mogelijkheden om het verbruik van een klassieke hybride verder te verminderen. Met een volledig nieuwe generatie aandrijflijnen wil Toyota opnieuw een belangrijke stap vooruitzetten.

Nieuwe viercilinder vervangt bestaande motoren
De belangrijkste vernieuwing is een volledig nieuwe 1,5-liter viercilinder benzinemotor, waarvan zowel een atmosferische versie als een turboversie wordt ontwikkeld. De atmosferische uitvoering moet het prestatiebereik van de huidige 1,5-liter driecilinder en 1,8-liter viercilinder kunnen afdekken. Opvallend is dat Toyota opnieuw voor vier cilinders kiest, terwijl de huidige 1,5-liter hybride een driecilinder gebruikt. Dat zou voordelen kunnen opleveren op het vlak van trillingen en loopcultuur, al moet dat in de praktijk nog blijken.
De nieuwe benzinemotor wordt vanaf het begin ontwikkeld in combinatie met de elektromotoren en elektronische regelmodules. Daardoor kunnen alle onderdelen efficiënter samenwerken. Ook de elektromotoren en vermogenselektronica worden kleiner en lichter.

Meer dan 15 procent minder verbruik
Toyota mikt op een daling van het brandstofverbruik met meer dan 15 procent. Dat is aanzienlijk, en we zullen nog in de praktijk moeten zien of dat realistisch is. Een Toyota die vandaag gemiddeld 5 liter per 100 kilometer verbruikt, zou bij een verbetering van 15 procent nog ongeveer 4,25 liter nodig hebben. Op 20.000 kilometer betekent dat een besparing van 150 liter benzine per jaar. Het gaat voorlopig dus wel nog om een theoretische vergelijking, want officiële verbruikscijfers van concrete modellen ontbreken nog.
De efficiëntiewinst moet onder meer komen van minder mechanische wrijving, een beter temperatuurbeheer en compactere elektrische componenten. Bovendien neemt de nieuwe motor minder plaats in, waardoor toekomstige modellen een lagere motorkap en een betere aerodynamica kunnen krijgen.

Eén platform voor verschillende aandrijvingen
Toyota werkt tegelijk aan een nieuwe voertuigarchitectuur die geschikt is voor volledig elektrische auto’s, gewone hybrides en plug-inhybrides. Dankzij de compacte afmetingen van de nieuwe aandrijflijn kunnen verschillende technologieën op een gemeenschappelijke basis worden gebouwd. Dat moet niet alleen de ontwikkelings- en productiekosten drukken, maar Toyota ook meer flexibiliteit geven om in te spelen op de vraag naar elektrische en hybride modellen.
De strategie bevestigt dat Toyota niet uitsluitend op volledig elektrische auto’s wil inzetten. Volgens de constructeur blijven hybrides een belangrijke rol spelen in markten waar de overstap naar elektrisch rijden minder snel verloopt. Wanneer de nieuwe motoren op de markt komen en welke modellen ze als eerste krijgen, is voorlopig niet bekend. Ook concrete vermogenscijfers ontbreken nog. Wel maakt Toyota duidelijk dat de hybride aandrijving nog lang niet aan het einde van haar ontwikkeling staat.






