Uitlaat

Acht EU-landen vragen uitstel en minder strenge Euro 7-emissienorm

21 september 2023
Door Stijn Blanckaert

De saga rond de geplande invoering in 2025 van de nieuwe Euro 7-emissienormen blijft voortduren. Acht EU-landen, waaronder Frankrijk en Italië, verzetten zich tegen de strengere regels en vragen uitstel voor de invoering ervan. Daarmee volgen ze de kritiek die meerdere autobouwers reeds uitten op de te dure en weinig impactvolle nieuwe norm die de investering in elektrische auto’s bemoeilijkt.

 

Dat de invoering van de Euro 7-emissienorm – als dat zou gebeuren zoals Europa voorlopig gepland heeft – de autobouwers (en hun klanten) erg veel geld zou kosten, schreven we al in dit stuk. De constructeurs worden in hun kritiek gevolgd door acht EU-landen, waaronder Frankrijk en Italië, beiden de thuis van grote autobouwers als Renault en Stellantis, die debatteren over een nieuw compromis dat de geplande Euro 7-regulering zou afzwakken en de invoering ervan zou uitstellen. 

De sinds 1992 ingevoerde euronormen hebben tot doel de uitstoot van vervuilende stoffen zoals koolstofmonoxide en stikstofoxiden, roet en fijnstof te beteugelen, maar hebben an sich niets te maken met een vermindering van de CO2-uitstoot, dat wel een broeikasgas is, maar niet vervuilend. De vandaag geldende Euro 6d-norm is op het vlak van de uitstoot van vervuilende stoffen al erg streng en zowel de autobouwers als de acht landen in kwestie denken dat het verder verstrengen ervan – met grote investeringen om dat mogelijk te maken – niet echt wenselijk is, als je weet dat nieuwe verbrandingsmotoren vanaf 2035 hoe dan ook niet meer verkocht mogen worden en elke euro maar één keer kan worden uitgegeven, waardoor minder middelen beschikbaar zouden zijn voor de noodzakelijke elektrificatie van het gamma van de autobouwers. 

Milieuwinst te verwaarlozen 

Uiteindelijk moeten alle in Europa verkochte nieuwe auto’s (met uitzondering van exemplaren die zuiver op e-fuels kunnen rijden) vanaf 2035 hoe dan ook elektrisch zijn (of gebruik maken van een brandstofcel op waterstof), waardoor zware investeringen in de Euro 7-norm voor verbrandingsmotoren die in 2035, amper tien jaar na de geplande invoering ervan in 2025, al niet meer verkocht kunnen worden eigenlijk nutteloos en contraproductief zijn, stellen de verschillende autobouwers. 

Ze worden daarin gesteund door Italië, Frankrijk, Tsjechië, Bulgarije, Hongarije, Polen, Roemenië en Slowakije, die ook van mening zijn dat de milieuwinst eigenlijk te verwaarlozen is. Bovendien zou de nieuwe norm leiden tot hogere prijzen voor kleinere auto’s, wat vooral minder begoede gezinnen zou treffen.  

Twee jaar uitstel?

Het plan van de acht lidstaten, dat onder het voorzitterschap van Spanje zal worden voorgelegd, vraagt een uitstel van de invoering van de nieuwe norm, die in principe voorzien is voor 2025 voor personenwagens en 2027 voor bedrijfsvoertuigen. Volgens de acht zouden auto’s en lichte vrachtvoertuigen pas 24 maanden na de inwerkingtreding van de verordening moeten voldoen aan de nieuwe eisen en krijgen bussen en zware vrachtwagens 48 maanden uitstel. Ook vragen ze geen verdere beperking van de uitstoot in vergelijking met de huidige Euro 6d-norm (in tegenstelling tot wat in het originele Euro 7-ontwerp staat). 

Vanzelfsprekend gaat de milieulobby en meer in het bijzonder Transport & Environment, hevig tekeer tegen de voorgestelde afzwakking van de oorspronkelijke plannen. En hoewel er dus acht landen achter een aangepaste Euro 7-norm staan is er zeker nog geen eensgezindheid binnen de Europese beslissingsorganen. Wanneer er dan al eensgezindheid zou zijn moet nog met het Europees Parlement onderhandeld worden over de definitieve vorm van de regeling. Een bindende beslissing is dan ook nog niet voor morgen, terwijl de geplande invoeringsdatum van 2025 erg dichtbij is.

Deel op

Lees meer over


© Autonieuws. Alle rechten voorbehouden. Design door We Cre8 It.