donderdag, 13 januari 2022

Uw toekomst: mobiliteitsbudget in plaats van bedrijfswagen?

Geschreven door  Stijn Blanckaert
Uw toekomst: mobiliteitsbudget in plaats van bedrijfswagen? © SKODA
Deze week bleek uit een enquête van Acerta dat in 2021 22 procent van de bedienden in de privésector over een bedrijfswagen beschikte. Tegelijk is volgens Touring ruim 40 procent van de werknemers met een bedrijfswagen bereid om die in te ruilen voor een mobiliteitsbudget. Wordt dat mobiliteitsbudget dan de vervanger van de bedrijfswagen en is dat geen enorme kans voor leasingmaatschappijen?


De bedrijfswagen is vandaag nog altijd het populairste extralegale voordeel van het merendeel van de gebruikers ervan. Voor veel ondernemingen is het ook onmogelijk geworden om de juiste profielen aan te trekken zonder een auto in het loonpakket. In het door de regering gepromote mobiliteitsbudget schuilen echte kansen voor leasingmaatschappijen om een nieuwe markt aan te boren.

Uitzonderlijk hoge loonkost

De reden waarom ons land zo veel bedrijfswagens telt, waarvan een groot deel niet strikt noodzakelijk zijn voor de job en daarom ook als ‘salariswagens’ worden gelabeld ligt niet bij een bijzondere voorkeur voor werkgevers voor de auto als onderdeel van het loon. Het zou voor hen makkelijker zijn om gewoon meer brutoloon aan de werknemer toe te kennen en zich niet te moeten bezighouden met het toekennen en beheren van auto’s. 

De echte reden dat zo veel werkgevers voor bedrijfswagens als salariscomponent opteren ligt natuurlijk in de enorme loonkost in ons land. België is het land met de derde hoogste loonkost in Europa. Alleen in Denemarken en Luxemburg is die loonkost nog hoger. 

Opdat de werknemer netto € 2.000 zou kunnen verdienen moet de werkgever meer dan € 4.100 uitgeven, blijkt uit een studie van SD Worx. Wil de werkgever iemand die € 3.000 bruto verdient een netto loonsverhoging van € 100 toekennen, dan kost hem dat € 300. Dat is dus drie keer wat die persoon netto overhoudt. 

De loonwig (het verschil tussen de totale loonkosten en wat de werknemer netto mee naar huis neemt, te berekenen door alle belastingen te delen door de totale loonkosten voor de werkgever) bedraagt in ons land zo’n 53 procent voor iemand met een gemiddeld loon van € 3.500. Concreet gaat per € 100 aan loon dat de werkgever betaalt € 53 naar de overheid.

Bedrijfswagen alternatief voor brutoloon

Als je als werkgever dan als alternatief een bedrijfswagen kan toekennen, die je bijvoorbeeld in de berekening van de Total Cost of Ownership maandelijks zo’n € 800 kost (voorbeeld van een elektrische Skoda Enyaq iV over 48 maanden en 25.000 km per jaar), is het duidelijk dat een dergelijke motivator niet alleen een blijvend effect heeft dat veel langer doorwerkt dan een loonsverhoging (waar je na een maand of twee aan gewend bent), maar ook financieel veel interessanter is voor de werkgever dan het toekennen van een hoger brutoloon.

Het kan dus moeilijk aan de werkgever verweten worden dat hij een minder belaste weg kiest enerzijds, en aan de werknemer dat hij een interessant voordeel in natura aanvaardt anderzijds. Zelf een auto moeten aanschaffen komt voor een werknemer altijd duurder uit dan het beschikken over een bedrijfsauto, ook al betaalt hij voor die auto van de firma wel een belasting in de vorm van het Voordeel van Alle Aard.

Mobiliteitsbudget als alternatief

De regering wilde een mouw passen aan de gewoonte om een auto toe te kennen als mobiliteitsoplossing en verloning en daarbij een duurzamere mobiliteit van de werknemers stimuleren. Ze deed dat niet – al was dat misschien logischer – door het terugbrengen van de loonkost naar een aanvaardbaar niveau, in lijn met dat in de andere Europese lidstaten, maar door het voorstellen van een alternatief in de vorm van het mobiliteitsbudget.

Op zich is dat mobiliteitsbudget interessant als concept. In de plaats van het systematisch toekennen van bedrijfswagens kunnen werknemers opteren voor een mobiliteitsbudget, waarbij het anders aan de firmawagen bestede budget toegekend wordt als een vrij aan mobiliteit te besteden maandelijks bedrag dat bij de werkgever voordeliger belast wordt dan gewoon brutoloon en ook bij de werknemer fiscaal interessant is.

Het idee is dus lovenswaardig, omdat werknemers op die manier niet verplicht voor een (grote) auto moeten kiezen omdat dat nu eenmaal bij het loon hoort, maar die auto kunnen vervangen door een (kleinere) milieuvriendelijke wagen, alternatieven zoals de (elektrische) fiets, abonnementen op openbaar vervoer, huisvestigingskosten en/of cash en ga zo maar door. 

Onbekend en (nog) onbemind

Uit een onderzoek van Touring bij meer dan 1.000 respondenten blijkt nu dat 1 op de 5 werknemers niet weet of zijn werkgever een mobiliteitsbudget aanbiedt. Daarnaast wijst het onderzoek uit dat ruim 4 op de 10 werknemers met een bedrijfswagen best bereid zijn om over te stappen naar zo’n mobiliteitsbudget als ze maar voldoende eigen keuzemogelijkheden krijgen. Ook zouden 7 op de 10 ondervraagden willen dat het mobiliteitsbudget als deel van het loon toegankelijk wordt voor alle werknemers en dus niet alleen als alternatief voor zij die recht hebben op een bedrijfswagen. 

Om het mobiliteitsbudget de grootste kans op slagen te geven, moeten niet alleen nieuw aangeworven medewerkers maar ook de huidige eigenaars van bedrijfswagens overtuigd worden, volgens Touring. De organisatie stelt daarnaast dat om het budget echt te laten doorbreken het toegankelijk maken ervan voor alle werkende Belgen en niet alleen voor wie normaal recht heeft op een bedrijfswagen noodzakelijk is.

Auto blijft belangrijk

Bestuurders van bedrijfswagens zijn niet zomaar bereid om hun bedrijfswagen volledig af te staan. 4 op de 10 ondervraagde werknemers met een bedrijfswagen zouden zelfs van werk veranderen indien de werkgever deze niet (meer) voorziet. Toch is er hier volgens Touring speelruimte aangezien 42 procent van de bestuurders wel te overtuigen blijkt om gebruik te maken van een mobiliteitsbudget, zolang ze zelf kunnen kiezen waar ze dat budget aan spenderen. Het mobiliteitsbudget laat dat ook effectief toe.

Meer dan de helft van de bevraagden gelooft dat de alternatieven binnen het mobiliteitsbudget niet opwegen tegenover de voordelen van de bedrijfswagen. Dat is uiteraard te begrijpen. Voor veel mensen is de auto een belangrijk vervoersmiddel voor hun dagelijks gebruik. Het mobiliteitsbudget moet daarom de wagen niet uitsluiten, maar moet de auto beschouwen als één schakel in een keten van mobiliteitsoplossingen. Zo komt er een stimulans om de afstand die de wagen aflegt of het aantal verplaatsingen te verminderen. Als je met je wagen kan rijden tot aan het dichtstbijzijnde treinstation, ondertussen via het werk je parkeerticket laat betalen, is dat efficiënter dan met diezelfde wagen in de file te staan”, legt Touring uit.

Uitdaging voor leasingmaatschappijen

En dat brengt ons bij de toekomst van de leasingmaatschappijen. Zij zien hun markt door initiatieven zoals het mobiliteitsbudget veranderen. De kans bestaat dat een aantal werkgevers in de nabije toekomst zal besluiten om geen firmawagens meer toe te kennen maar standaard met een mobiliteitsbudget uit te pakken. Daardoor zullen die bedrijven dus minder beroep doen op de diensten van de leasingmaatschappijen die op zoek zullen moeten naar een nieuwe afzetmarkt.

Slimme leasingmaatschappijen zien die mogelijke verschuiving niet als een bedreiging maar als een kans. Ze zetten meer en meer in op zaken als private lease, waarbij niet langer de onderneming maar wel de privépersoon de auto huurt. Als dat een werknemer is kan die de huur betalen met zijn mobiliteitsbudget. Ook het aanbieden van fietsen in verhuring op lange termijn is een nieuwe markt die de leasingmaatschappijen aanboren, onder meer omdat ook dat betaald kan worden met het mobiliteitsbudget.

Meer dan ooit zal de creativiteit van de leasingbedrijven dus bepalen hoe hun toekomst eruitziet. Dat de eerste leasingmaatschappij die met een echte abonnementsformule uitpakt – naar het voorbeeld van Lynk & Co bij de autofabrikanten - een echt Unique Selling Point zal hebben lijdt daarbij geen twijfel. Want als je in tegenstelling tot bij een private leasecontract niet gebonden bent aan een vaste huurperiode van 2, 3 of 4 jaar, maar gewoon maand per maand je contract kan opzeggen en in functie van je behoeften van auto kan wisselen is er geen reden meer om het niet te proberen als werknemer. Zolang je van het mobiliteitsbudget geniet kan je dan een auto huren van de leasingmaatschappij, wanneer dat budget wegvalt of er een beter alternatief is kan je zonder opzegkosten uitstappen.

Welke leasingmaatschappij waagt als eerste de stap en pakt uit met een Spotify voor auto’s?

Contact

YesYes BV
Veenstraat 10
B-3630 Maasmechelen

BTW: BE 0883 567 853

© Copyright autonieuws.be 2018 - Disclaimer & Privacy