dinsdag, 25 augustus 2020

Het budgettaire gevaar van de anti-autopolitiek

Geschreven door  Stijn Blanckaert
Het budgettaire gevaar van de anti-autopolitiek © Patrick Theunissen
In het kader van de federale regeringsonderhandelingen, maar ook in ruimere zin, wordt de (bedrijfs-)wagen weer volop geviseerd. Zoals het er nu naar uitziet, zou het wel eens kunnen dat Groen en Ecolo deel zullen uitmaken van de volgende regering. Zij stellen onomwonden dat de bedrijfswagen moet verdwijnen en dat autorijden sterk ontmoedigd moet worden. 


“Tankkaarten en firmawagens: afschaffen!”

In het verkiezingsprogramma van 2019 van de partij Groen wordt onomwonden gesteld dat de tankkaarten onmiddellijk afgeschaft moeten worden, twee jaar later (in hun voorstel 2022) gevolgd door het fiscaal voordeel op bedrijfswagens. Volgens de partij moet dat bedrag, dat ze op € 3 miljard schatten, worden doorgeschoven naar een mobiliteitsbudget voor alle werkende Belgen. Meteen wordt daarmee ook duidelijk dat het verloren fiscale voordeel niet zal worden goedgemaakt voor wie over een bedrijfswagen beschikt, waardoor -als dit groene programmapunt deel uitmaakt van een eventueel regeerakkoord- honderdduizenden werknemers (letterlijk alle gezinnen die vandaag over een bedrijfswagen beschikken) een deel van hun koopkracht zullen verliezen. Anders gezegd: u zal netto minder gaan verdienen en een privéwagen moeten kopen als u niet zonder auto kan. 

Als andere partijen in dergelijke plannen meestappen zullen ze hun stemmenaantal in 2024 ongetwijfeld gedecimeerd zien worden, maar niets garandeert dat ze bij een dergelijk vooruitzicht tot inkeer komen voor het te laat is.

Bedrijfswagen telkens weer geviseerd

Het telkens weer viseren van de firmawagen, omdat die “gesubsidieerd” zou zijn, is verkeerd, en we kunnen dat niet genoeg herhalen. Het is niet omdat het voordeel van alle aard vandaag inderdaad op een vrij voordelige manier voor de gebruiker van de firmawagen wordt berekend en omdat bepaalde auto’s van een voordelige fiscale aftrekbaarheid genieten, dat het daarom om subsidies gaat. Bovendien is de huidige regeling van de fiscale behandeling van bedrijfswagens al helemaal gericht op een snelle vergroening van het wagenpark, wat ook bewezen wordt door de voortdurende (en snellere) daling van de CO2-uitstoot van de bedrijfswagens in ons land in vergelijking met privévoertuigen en het feit dat zowat alle firmawagens die vandaag in ons land rondrijden minstens aan de Euro 5-norm en meestal zelfs aan de Euro 6-norm voldoen. 

Het is ook enkel en alleen door de bedrijfswagenbestuurders dat we vandaag een stijgend aantal plug-in hybride, hybride en elektrische auto’s op onze wegen tellen. Bij de particulieren is het aankopen van een auto met minimale of onbestaande tailpipe-uitstoot vandaag eerder uitzonderlijk, door de kostprijs van dergelijke technologie. Het is dus dankzij de bedrijfswagen dat ook particulieren straks goed onderhouden en jonge, ecologisch veel interessantere ex-bedrijfswagens op de kop zullen kunnen tikken op de tweedehandsmarkt; wat de vergroening van het wagenpark alleen maar versnelt.

Het verbannen van de firmawagen zou dus niet alleen verzorgen voor een vertraging van de vergroening van de autovloot in ons land, maar zelfs voor een ommekeer in negatieve zin. Wat zal de firmawagenbestuurder van wie de auto afgenomen wordt namelijk doen om alsnog zijn mobiliteit te kunnen verzekeren bij gebrek aan een kwalitatief en alomvattend, betrouwbaar openbaar vervoer? Juist, een eigen auto kopen. Ongetwijfeld een goedkoper en vaak tweedehandsexemplaar dat niet alleen niet aan de laatste veiligheidsvereisten voldoet maar gegarandeerd niet over de nieuwste uitstootbeperkende technologie beschikt. Het afschaffen van de firmawagen zou dus leiden tot een meer vervuilend wagenpark dat ook minder goed onderhouden en verzekerd zal zijn, en ook minder vaak vervangen zal worden. 

Loonkostprobleem 

Los van het voorgaande kunnen we ook niet voorbijgaan aan de vraag naar het waarom van die vele bedrijfswagens in ons land, en meer in het bijzonder de zogenaamde “salariswagens” die worden toegekend aan werknemers die weinig of geen professionele kilometers moeten afleggen met de auto? Het antwoord is simpel: de ongekend hoge loonkost in ons land. België staat qua loonkost (en sociale bijdragen) maar liefst op de derde plaats in Europa. Alleen in de rijke deelstaten Denemarken en Luxemburg is het tewerkstellen van personeel nog duurder dan bij ons. Het is dan ook niet verwonderlijk dat een werkgever het voorziene budget voor verloning zo voordelig mogelijk toekent. 

Een brutoloon van € 3.000 kost de werkgever inclusief patronale bijdragen € 3.819 per maand, maar de werknemer houdt er maar € 1.956 van over. (cijfers SD Worx) Het verschil tussen nettoloon en loonkost is hier dus ongeveer 50%. 

Als een werkgever in plaats van € 750 extra loonbudget uit te trekken een auto ter beschikking stelt met een Total Cost of Ownership van € 750 betekent dat voor de werknemer een groter voordeel dan de € 375 die hij er maar als nettoloon zou van overhouden, zelfs als je rekening houdt met de belasting op het voordeel alle aard. Want je kan privé met dat nettobedrag niet zelf instaan voor de aankoop, onderhoud en brandstof van een vergelijkbaar voertuig. Daarom dus, verkiezen werkgevers vaak een firmawagen boven meer loon, en vinden werknemers een auto van de zaak interessant.

De auto als cash cow

We moeten ook stilstaan bij de fiscale inkomsten die de auto jaarlijks garandeert. Dat firmawagens in bepaalde gevallen van een interessante fiscale aftrekbaarheid genieten is een feit (maar laten we toch niet vergeten dat dat voordeel sinds dit jaar teruggedraaid is op de meeste auto’s), maar ze brengen ook zeer veel op aan de staat. Aan accijnzen op brandstof, aan btw, aan BIV en verkeersbelasting, aan taksen op verzekeringen, boetes en ga zo maar door. 

Als u het nog niet wist, weet u het nu: de auto bracht in ons land in 2019 nog maar eens een record op aan de overheid. Voor vorig jaar zorgden alle automobilisten samen voor € 21,5 miljard aan fiscale inkomsten door de auto, wat neerkomt op ongeveer € 3.700 per automobilist. Sinds 2010 is de bijdrage van de automobilist aan de staatskas met meer dan 34% gestegen! 
TWEETWhatsApp Image 2020 08 24 at 14.23.19Met € 21,5 miljard is de auto goed voor 10% van alle fiscale inkomsten in ons land, zegt fiscaal expert Michel Maus. Het is aangewezen dat de onderhandelaars goed nadenken vooraleer daarin te snijden, want de auto is een kip met gouden eieren.

Zeker in financieel onzekere tijden met een begrotingstekort dat hoger is dan ooit tevoren zou het bijzonder cynisch zijn om die melkkoe te slachten, want vergis u niet, zonder privé- en firmawagens zal de staat ongetwijfeld op zoek moeten naar andere inkomsten om de weggevallen euro’s te compenseren. Hoe? Met nieuwe belastingen natuurlijk…

Contact

YesYes BV
Veenstraat 10
B-3630 Maasmechelen

BTW: BE 0883 567 853

© Copyright autonieuws.be 2018 - Disclaimer & Privacy